2. Kromme tenen

Vier jaar later

In de saunacabine van ons vakantiehuisje zitten Hugo en ik dicht bij elkaar, onze knieën raken elkaar net niet. De warmte trekt via mijn huid naar mijn spieren. Het zweet loopt van mijn voorhoofd en mijn neus. Met de straaltjes glijden de spanning en vermoeidheid van mij af. De wandeling duurde langer dan gedacht: Hugo moest regelmatig rusten. De zweepslag van een paar weken geleden speelde hem toch parten. Maar, we waren tenminste op pad. Lekker buiten. Veel zon en wind, grote wolkenpartijen doorkruist door felle lange lichtstralen. Herfstkleuren om ons heen. Prachtige plaatjes, die hij ook met zijn camera heeft vastgelegd. Gelukkig verhinderde zijn nog steeds wat ontstoken schouder dat niet. En dan die rust! Hugo gooit nog wat water op de hete stenen, de damp slaat er vanaf. Dan zegt hij: “Wat staan mijn tenen raar. Zie je dat?” Inderdaad, zijn tweede en derde teen van zijn linkervoet staan geklauwd omhoog. Niet naar beneden te krijgen. Raar. “Misschien komt dit van het scheve lopen, om je been nog te ontzien vanwege de zweepslag?” vraag ik.  “Hmmm, dat was mijn andere been. Het zal wel overgaan”, zegt hij optimistisch. Ik knik. De volgende dag staan ook die tenen van zijn andere voet zo krom. Zijn optimisme is weg.